homepage
actualiteiten
archief
Ballooërveld
belvedères
bermbeheer ecologisch algemene info
bermbeheer project Natuurplatform
bevers
boeren & natuur
bugxter
contact
das
data die interessant zijn
Duinweg-Beekdal (project-algemeen)
Duinweg-Beekdal (eerste aanzet)
Duinweg-Beekdal - ENQUETE
Duinweg-Beekdal (actueel)
EHS (ecologische hoofdstructuur)
Faunapassages - algemeen
Faunapassage - A28
fietspad Okkenveen aanleg
fietspad - paradise lost
fietspad Okkenveen protest
fietspad inspreken NBEL
fietspad-brief NBEL
fietspad-brief Gemeente
fietspad-handhavingsverzoek-LNV
fietspad officiele opening
fietspad aanzet evaluatie
fietspad monitoring
gastransportleiding
INTO NATURE - kunstproject
links
Natuur en recreatie
Natuurplatform-oprichting
Natura 2000
New Forest
nieuwsbrieven
roggelelie
Ruimtelijke Ordening-algemeen
RO-Gemeente Assen Structuurvisie
RO-Gem. Tynaarlo Bestemmingsplan
RO-Omgevingsvisie Prov. Drenthe
Transferium De Punt
vogels en recreatie
Westerlanden-Besloten Venen
Wildeveen

N
Nieuwsbrief
OVER ECOLOGISCH BERMBEHEER IN HET ALGEMEEN...
Bij het onderhoud van bermen en sloten wordt nog steeds weinig rekening gehouden met het feit dat ook wegkanten en waterlopen een stukje natuur vertegenwoordigen. In feite vormen beide een belangrijk deel van de ecologische hoofdstructuur (EHS), omdat ze een verbinding vormen tussen alle natuurgebieden in heel Nederland. Nu door de moderne landbouwmethoden het boerenland zo intensief bewerkt wordt, dat er voor veel planten en dieren geen plaats meer is, vormen bermen en waterkanten een laatste toevluchtsoord voor bedreigde soorten. Doordat al deze wegkanten en waterlopen in feite met elkaar verbonden zijn, zouden ze tevens een nieuwe natuurvriendelijke verbindingszone kunnen vormen, waarlangs dieren en planten zich kunnen verplaatsen over grotere afstand.
Deze pagina bevat een aantal artikelen met algemene informatie over dit onderwerp.
Verder doen we per jaar verslag van onze inspanningen om via ons project ECOLOGISCH BERMBEHEER de toestand van weg- en waterkanten in het Drentsche Aa gebied te verbeteren.
           
13-12-2010 Graslandvlinders in Europa sterk achteruit (Bericht van de Vlinderstichting) hele artikel
Graslandvlinders gaan in Europa sterk achteruit. Dat is de conclusie van een nieuwe studie door Butterfly Conservation Europe, gebaseerd op gegevens van 3.000 plekken in 15 Europese landen. Oorzaken zijn intensievere landbouw, maar ook extensivering en verwaarlozing van landbouwgebieden.
Het stopzetten van beheer speelt vooral in ernstige mate in de Europese berggebieden en in Oost- en Zuid-Europa, terwijl in het laagland de graslandvlinders het meeste last hebben van intensivering.
De resultaten tonen de dramatische en voortdurende achteruitgang van de biodiversiteit in de Europese graslanden. We hebben dringend behoefte aan structurele veranderingen van het EU-landbouwbeleid dat meer ruimte geeft aan landbouwgebieden met een hoge natuurwaarde (High Nature Value Farmland). Zo’n landbouwbeleid zou beter zijn voor het milieu, voor de dieren en voor rurale gemeenschappen die worstelen om te overleven. Het huidige systeem ondersteunt vooral de intensieve producenten.
16-08-2011 Onderzoek wijst uit - Bijna alle planten zijn onmisbaar artikel NRC
Hoeveel soorten kun je weghalen zonder dat er dingen fout gaan in de natuur? Veel minder dan altijd gedacht. Gemiddeld is maar liefst 85 procent van de aanwezige plantensoorten onmisbaar in een ecosysteem. Dat meldt een internationaal team van onderzoekers in Nature. Lees het hele artikel in de NRC.
07-10-2011 Agrarische natuur voor meeste soorten ongeschikt (Bericht van de Vlinderstichting) hele artikel
Hoewel staatssecretaris Bleker vooral wil investeren in agrarische natuur, blijken daar maar weinig soorten van te profiteren. Voor behoud en herstel van biodiversiteit moet juist worden ingezet op natuurgebieden en verbindingen.
De voornaamste reden daarvan is, naast het intensieve landgebruik en de ontwatering, de overmaat aan voedingsstoffen, met name stikstof en fosfaat. Er zijn maar weinig soorten die het volhouden in zo´n overbemeste omgeving. Dit geldt voor planten, maar ook voor dieren. Ons onderzoek aan dagvlinders laat zien dat 60% van de Nederlandse soorten afhankelijk is van schrale omstandigheden. Deze bieden een grotere variatie aan voedselplanten en ook vinden de rupsen er een voldoende warm microklimaat om zich te ontwikkelen.
groot koolwitje
groot koolwitje gedijt
ook in landbouwgebied
27-10-2011 Bedrijventerreinen voor vlinders (Bericht van de vlinderstichting) hele artikel
Industrieterreinen en bedrijvenparke kunnen een rol spelen bij de bescherming van vier kwetsbare dagvlindersoorten. Bermen, overhoeken en groene daken vormen een uitbreiding van hun bestaande leefgebied. Het gaat daarbij om bedreigde en kwetsbare vlindersoorten van schralere kruidenrijke plekken. Vier van de Rode Lijstsoorten, bruin blauwtje, heivlinder, kleine parelmoervlinder en groot dikkopje, krijgen betere overlevingskansen bij een goede inrichting en een juist beheer van de bedrijventerreinen.
april 2012 Evaluatie van bermbeheer door het Waterschap
Door het Waterschap Hunze en Aa's wordt het onderhoud van slootkanten en watergangen regelmatig geëvalueerd aan de hand van foto's die jaarlijks op een aantal vaste plaatsen worden genomen. In 2011 is er door het Waterschap op vrij grote schaal eenzijdig onderhoud gepleegd, dat wil zeggen dat in de eerste ronde eenzijdig de vegetatie op het talud is blijven staan.
Verder wordt er nagegaan of bij afschrijving van delen van het machinepark er machines kunnen worden ingezet die minder verstorend doorwerken op de fauna. Met zes waterschappen is daar een inventarisatie van gemaakt:
Welke machine heeft welk effect, en wat is vanuit oogpunt van fauna meer en minder gewenst?

Samenvatting van conclusies uit dit rapport
Effecten van materieel op fauna:
fauna is niet te missen
'Fauna is niet te missen'
Impact huidige maaimethoden

  • Cirkelmaaier (schijfmaaier of trommelmaaier) is verantwoordelijk voor een tweemaal zo hoog sterftecijfer als de maaibalk.
  • Kneuzer - bij toevoeging van een kneuzer aan een cirkelmaaier is het sterftecijfer drie tot viermaal zo hoog, als wanneer wordt gemaaid met een maaibalk.
  • Klepelmaaiers en klepelen gecombineerd met afzuigen zijn verantwoordelijk voor de grootste schade aan fauna, maar door gebrek aan voldoende onderzoek en tegenstrijdigheid tussen de uitgevoerde onderzoeken is het moeilijk een verschil te maken tussen beide maaimethodes.

    Het ideale maaibeheer in het algemeen:

    • Voldoende variatie in ruimte en tijd bij het onderhoud is de primaire factor bij het streven naar vermindering van schade aan de fauna.
    • Inzetten van het minst schadelijke materieel is een tweede factor om dit doel te realiseren.

      Voor het droge profiel:

      • Een maai-ruimcombinatie, waarvan de maaihoogte goed instelbaar is tot boven de 10 cm is het minst schadelijk
      • De machine mag geen zuigende werking hebben op de bodem
      • Maaisel zo grof mogelijk houden
      • De machine betreedt slechts een beperkt deel van het terrein met een geringe wieldruk

      Voor het natte profiel:

      • Een machine die de vegetatie ruim boven de bodem afknipt. Omdat verstoring van de bodem voor veel fauna dramatische gevolgen heeft moet dit voorkomen worden.
04-09-2012 Maaiexperiment akkers in Oost-Groningen - bericht van Vogelbescherming Nieuwsbrief
Vogelbescherming
In Oost-Groningen vond er een maaiexperiment plaats waarbij stroken luzerne en klaver naast een zogeheten natuurmengsel waren ingezaaid. Van beide stroken gemaaid gewas was goed veevoer te maken, zo blijkt nu. En ook de vogels profiteren. Een gelukkig huwelijk tussen economie en ecologie in de maak. Lees het nieuwsbericht van Vogelbescherming.
          naar top van pagina
home ruimtelijke ordening Natura 2000 bermen-info 2010-12
actueel natuurbeheer EHS bermen-info 2013
data projecten Nat.plf Faunapassages bermen-info 2014-15
thema's informatiepagina's bermbeheer  
contact dia-presentaties boeren & natuur  
links natuur & recreatie    
archief      
nieuwsbrief